Eerst verheft men de bijbel tot het woord van god, en dan is men verbaast dat er ueberhaupt dingen in staan die kloppen. Vreemd soort psychologie, waarin een lage dunk van het opperwezen doorklinkt.
Het boek "Moderne wetenschap in de Bijbel" van drs. Ben Hobrink is een boek dat het feit dat er 'moderne' wetenschap in de Bijbel in de verf zet. De hoofdgedachte van het boek is dat er een invloed van hoger hand moest geweest zijn in de Bijbel aangezien er zaken in staan die de mensen
uit die tijd niet konden weten (tenzij door ervaring*). Met onze moderne wetenschap kan het inderdaad logisch lijken dat er bepaalde dingen kloppen uit de Bijbel, maar in die tijd was het helemaal niet evident.
Ze wisten bijvoorbeeld donders goed dat je het beste jongetjes op de achtste dag kunt besnijden, omdat het bloed dan beter stolt. (...) Zoiets ontdek je met ervaring.
*Als je primitieve theorievorming (theorievorming door ervaring) wilt toepassen op bovenstaand voorbeeld, dan rijst onvermijdelijk de vraag waarom moslims, die ook de besnijdenis kennen, pas effectief besnijden in een periode tussen het 3de en 12de levensjaar. Als joden door primitieve theorievorming de meest ideale dag voor besnijdenis kunnen ontdekken, zouden moslims dat ook niet moeten kunnen? Het tijdstip van besnijdenis bij moslims is bijzonder slecht gekozen, aangezien jongens tussen 3 of 12 jaar veel makkelijker een trauma overhouden aan de besnijdenis en ziekteverwekkende bacteriën (tussen voorhuid en eikel) al minstens 3 jaar hun ziekteverwekkende activiteiten hebben kunnen ontplooien. Moest primitieve theorievorming hierop kunnen toegepast worden, hadden alle besnijdenissen in elke godsdienst nu plaats in de eerste weken na de geboorte, liefst op de achtste dag.
(Van Wikipedia)
Volgens de Bijbel was de Ark van Noach 300 el lang, 50 el breed en 30 el hoog. Uitgaande van een el van 45 cm is dat 135 bij 22 bij 13 meter. De maatverhoudingen van de ark volgens Genesis zijn opmerkelijk modern: 30:5:3. Dit is een zeer stabiele vorm voor een schip en mammoettankers hebben ook deze verhoudingen.
Deze verhoudingen waren nooit gezien. Tot aan de zestiende eeuw waren de zeewaardige schepen van Europese landen 2 keer zo lang als breed. In 1594 liet een Nederlands koopman, Pieter Jansz Liorne uit Hoorn een schip na te bouwen naar het model gegeven van de Ark van Noach. Deze schepen zeilden veel gemakkelijker en sneller dan anderen schepen, het werd het eerste schip uit die tijd dat in massaproductie werd gebouwd.
Idem als het voorbeeld van besnijdenis. Als mensen uit de tijd van Noach de wetenschap van deze perfecte verhoudingen hadden verworven via primitieve theorievorming, waarom moest het dan meer dan 2000 jaar duren vóór deze verhoudingen in massaproductie gebruikt werden? Tot 1594 was er zelfs totaal geen sprake van dergelijke verhoudingen. Daarbovenop komt nog eens dat deze verhoudingen helemaal niet ontdekt werden door ervaringen op dat gebied, maar door inspiratie uit hetzelfde boek dat meer dan 2 millenia geleden op de proppen kwam met dergelijke revolutionaire verhoudingen. Als je echt niet wil geloven in invloed van hogere hand, kun je nog altijd je toevlucht nemen tot het toeval (is dat niet wat evolutionisten zo graag doen?)
Een stukje uit Prediker pakken en zeggen dat dat de watercyclus beschrijft, of een stukje uit Jesaja wat de rondheid van de aarde zou impliceren.
Deze elementen kunnen inderdaad niet worden aangevoerd als argument voor baanbrekende wetenschap in de Bijbel, aangezien de Bijbel nog altijd voor verschillende interpretaties vatbaar is. Er is geen duidelijke grens tussen wat symbolisch moet gezien worden en wat letterlijk gezien moet worden voor mensen met een objectieve kijk op de Bijbel. De Bijbel is geen wetenschapsboek. Dergelijke zaken kunnen voor gelovigen een bevestiging zijn (hoewel dat niet nodig zou moeten zijn
"zalig zij die geloven zonder tekenen"), voor mensen die niet in de Bijbel geloven zijn dit makkelijk afbreekbare argumenten.