Het is een schijnprobleem. Die elektrostatische potentiaal bestaat binnen de kern ook, maar daar levert de sterke kernkracht een tegenkracht die deze potentiaal compenseert. Dus de nettopotentiaal is laag. Omdat de sterke kernkracht met de zevende macht van de afstand afneemt (zie voor) blijft op iets langere afstand alleen de elektromagnetische potentiaal over. Bij tunneling gaat het om het vergelijken van toestand A (kern intact) met toestand B (overgebleven kerndeeltjes in energetisch gunstiger staat; alfadeeltje buiten de kern).Jan van de Velde schreef:Daar [in energie denken] was ik volop mee bezigen dus denk ik in potentialen.
Bij de splijting komt 8,78 MeV vrij (massadefect) Zodra het alfadeeltje zich pal naast de overgebleven loodkern bevindt heeft het echter een elektrostatische potentiaal van ruim 26 MeV. (kun je berekenen, en komt ook netjes in dat hyperphysics grafiekje te staan:
Tóch komt die potentiaal niet tot uiting. Als je het zo grafisch als hierboven beschouwt tunnelt hij zich door de potentiaalberg heen, en komt naar buiten op een "potentiaal" van 8,78 MeV. Wat ik niet snap is wat dit te maken heeft met kans. Dat zal wel volgen uit de Schrödervergelijking, maar de wiskunde daarvan gaat me eerlijk gezegd ruim boven de pet.
Dat toestand C (alfadeeltje flink uit de buurt) energetisch voordelig is ten opzichte van toestand B (alfadeeltje vlak bij de kern) staat hier los van.
Puzzels