(Herkomst: toelatingsexamen juli 2009, inhoudelijk voor dit forum aangepast.)
125) Je neemt 50 mL van een pure glyceroloplossing met een dichtheid van 1,3 g/mL en brengt dit over in een maatkolf. Vervolgens leng je met water aan tot 250 mL. Wat is de concentratie aan glycerol in de maatkolf.
Gegeven:
De concentratie van de glyceroloplossing is 2,8.10-3M
De concentratie van de glyceroloplossing is 5,7.10-3M
126) Men beschikt over een reageerbuis bij een temperatuur van 27°C en bij een druk van 0,2 bar (1 bar = 100.000 Pa). Wanneer men de druk in de reageerbuis wil verhogen van 0,2 bar naar 0,4 bar, tot op welke temperatuur moet men dan de reageerbuis brengen?
(Herkomst: toelatingsexamen juli 2009, inhoudelijk voor dit forum aangepast.)
127) Een cilinder met een bepaald volume bevat het volgende evenwichtsmengsel: N2(g) + O2(g) 2NO(g). Wanneer men vervolgens het volume van deze cilinder vergroot, wat is dan het effect op het evenwichtsmengsel?
(Herkomst: toelatingsexamen juli 2009, inhoudelijk voor dit forum aangepast.)
128) Het rendement van een reactie in procent is de verhouding van de reële opbrengst aan reactieproduct tot de theoretisch verwachte opbrengst, vermenigvuldigd met 100. Indien men 56,0g distikstof laat reageren met 20,0g diwaterstof en vaststelt dat hierbij 10,2g NH3-gas gevormd wordt, dan is het rendement van die reactie:
(Herkomst: toelatingsexamen augustus 2009, inhoudelijk voor dit forum aangepast.)
130) De atmosfeer van de planeet Venus bestaat voor het overgrote deel uit koolstofdioxide (moleculaire massa = 44 g/mol). Bereken de dichtheid van koolstofdioxide wanneer gegeven is dat de druk op Venus gelijk is aan 90 atmosfeer en de temperatuur 477°C bedraagt.
(Herkomst: toelatingsexamen augustus 2009, inhoudelijk voor dit forum aangepast.)
131) Je beschikt in het labo over 1 liter van een HCl-oplossing van 0,1M. Hoeveel bedraagt de pH van deze oplossing wanneer je 1 liter zuiver water aan de oplossing toevoegt?
132) Gegeven het element zwavel met atoomnummer 16 en massagetal 32. Van welke van volgende elementen verwacht je dat ze zich op een gelijkaardige manier gedragen?
133) Aan 10 ml oplossing van een zuur met een H+ concentratie van 10-2 mol/L wordt 1 liter gedestilleerd water toegevoegd. De pH waarde van de oplossing is dan?
134) Bij de reactie A + B C wordt de concentratie van A 4 keer groter en van B 2 keer kleiner. De reactiesnelheid is dan 8 keer groter. De reactiesnelheidsvergelijking wordt beschreven als: