Dag iedereen.
Vectorruimten zijn nieuw voor mij waardoor ik soms mijn hoofd kan breken over, waarschijnlijk, eenvoudige dingen.
Zoals deze:
Neem twee deelverzamelingen van R^3 (het kost mij wat te veel tijd om alles in TeX te zetten):
- Het xy-vlak: V0=((x,y,o) e R^3 | x,y e R)
- Het vlak parallel aan het xy-vlak door z=1: V1=((x,y,1) e R^3 | x,y e R)
Deze verzamelingen zijn deelverzamelingen als ze voldoen aan de 10 eigenschappen omtrent vectorruimten.
In mijn cursus staat:
A. Eigenschappen A2,A3,A7-A10 gelden voor elke deelverzameling van R^n en dus ook voor V0 en V1
B. dat V1 NIET voldoet aan de volgende eigenschappen:
- A1: optelling = inwendig
- A4: neutraal element O
- A5: symmetrisch element (-x)
- A6: voor elke vector x van V en elke scalair alpha e R definieert alpha.x op ondubbelzinnige manier een vector in V
C. V0 voldoet wel aan deze eigenschappen
Dit komt blijkbaar door het verschil in de z-waarde,
in V0: 0
in V1: 1
Maar waarom is dit zo?
Hou er aub rekening mee dat dit totaal nieuwe materie is voor mij.
Alvast bedankt!
Brxpower
Puzzels