De uitleg in je eerste twee zinnen komt zo kryptisch over dat ik er weinig van begreep. Je terminologie vond ik gelukkig terug in een oud
physics stackexchange bericht met meer uitleg. Alleen gaat het daar niet om een gepulste laser met een echte ToF-meting (ToF = time-of-flight), maar om een continue laser met 300 MHz amplitudemodulatie, met meting van de faseverschuiving. In de omschrijving van de VL53L1X staat dat het een ToF meting is, het lijkt me dat ToF over een laserpuls gaat.
In een recenter
Quora-bericht zag ik een plaatje van een laserpuls die met goedkope elektronica haalbaar is. De pulsduur is in de orde van 10 ns, de stijgtijd is de helft daarvan. Dus een nanosecondepuls, geen picosecondepuls, op het eerste gezicht is de gewenste resolutie van een paar millimeter daarmee niet haalbaar. Daarom is ook hier de eerste gedachte dat de laser gemoduleerd moet worden met circa 300 MHz, gevolgd door meting van de faseverschuiving, dus geen ToF-meting. Helemaal duidelijk is het me eigenlijk nog niet. Maar in de laatste alinea staat tenslotte: "More recently, it was found to be cheaper to quickly make thousands of measurements using laser pulse time of flight and average them to get better resolution. One technique involves adding a dither to improve the resolution after averaging.
You will find most of the devices sold today use this technique." Blijkbaar is de pulsvorm en pulsduur dus niet verbeterd, nog steeds in de orde van 10 ns. Hoe de ToF dan precies gemeten wordt staat er niet bij. 'XOR' kan hier niet omdat de puls niet blokvormig is.
Ik heb inmiddels een complete laser afstandsmeter gekocht (15 euro). Hij kan afstanden (tussen object en laserdiode) groter dan 6 cm goed meten; bij kleinere afstanden geeft hij een foutmelding. Dan moet de pulsduur kleiner zijn dan t = 2d/c = 0,12/3⋅10^8 = 0,4 ns. Hij meet afstanden nauwkeurig tot op 2 mm, dus de reistijd meet hij nauwkeurig tot op 0.01 ns = 10 ps. In mijn ogen mag die puls wel een picosecondenpuls genoemd worden.