Wat wij 'deeltjes' noemen, zoals elektronen, fotonen, protonen, neutronen enzovoort, zijn strikt genomen geen deeltjes - maar ook geen golven. Ze vertonen kenmerken van beide: maar dat betekent niet dat ze soms een golf, soms een deeltje 'besluiten te zijn'. Ze zijn geen van beide, echter omdat wij slechts in termen van macroscopische objecten kunnen denken plakken we er soms het label 'golf', en soms het label 'deeltje' op. Misschien komt 'golfpakketje' nog het meest in de buurt, maar goed.
Een foton kan met zichzelf interfereren en even later een elektron uit een bepaalde schil van een atoom weg laten springen. Het foton trekt geen golf-jasje of deeltjes-jasje aan wanneer het die dingen doet, maar gedraagt zich gewoon zoals een normaal, gezond foton zich altijd gedraagt. Quantummechanische wetten blijken ook gewoon geldig te zijn voor verzamelingen deeltjes - voor macroscopische objecten worden de geassocieerde golflengten weliswaar heel erg kort, maar van macroscopische objecten kan nog steeds gezegd worden dat ze zich naar quantummechanische wetten gedragen. Het hele superpositiebeginsel gaat nog steeds op. Schrodinger wilde hiervan juist illustreren hoe absurd het was, en hij haalde de gedachtenproef met de kat erbij, min of meer om te laten zien dat het nergens op sloeg om quantumwetten door te trekken naar de macroscopische wereld. Sindsdien zijn er allerlei mechanismen voorgesteld die deze bizarre situatie uit moeten leggen, maar welke de juiste is (en of de juiste er bij zit) is niet bekend - en het uberhaupt kunnen bewijzen van een van de mogelijkheden als zijnde de juiste is ook een nogal netelige kwestie.
Puzzels
